Vakantiehuizen Veerse meer

Het Veerse meer is niet altijd een meer geweest, het was een zeearm die door twee dijken is afgesloten van zeewaterstromingen. In 1961 is de laatste dijk afgebouwd wat een zout water meer met een lengte van 22 km creëerde en een oppervlakte van 2577 hectare. Met een breedte die varieert van 150 tot 1500 meter en een totale kustlengte van wel 55 km is het in 2000 erkend als internationaal belangrijk wetland.

In het meer liggen zeventien eilandjes, twaalf ervan zijn toegankelijk voor publiek maar de laatste vijf zijn voor de vogels. Door de invloed van regen is het ontstane meer steeds zoeter geworden maar sinds 2004 is er door een sluis weer zout water toegelaten wat het zoutgehalte weer deed stegen maar ook zorgde dat het water schoner werd. Het is populair water recreatie gebied maar er is genoeg ruimte voor de natuur. 

Flora en fauna

Het gebied is niks voor niks erkend als internationaal belangrijk wetland. Er zijn zeer zeldzame soorten waargenomen zoals de steppekiekendief en de dwergarend maar ook veel zeldzame soorten zoals de roodhalsgans, witbuikrotgans, kuifaalscholver en ijsduiker. Het uitkijkpunt Oosternieuwlandpolder is zeker in de winter een geschikte plek om de diversiteit aan vogels te bekijken. Ook kleinere vogels zoals zilverplevier, morinelplevier en roodmus zijn gezien. 

Het eiland de Haringvreter is niet allen voor de jaarlijkse 40.000 vogels van belang maar ook voor de Noorse woelmuis aangezien het een van de laatste enclaves is. Op de eilanden in Zeeland heeft zich sinds de ijstijd een ondersoort ontwikkeld en is daarmee het enige endemische zoogdier van Nederland. Over het algemeen is het een nachtdier maar in de winter is hij ook wel overdag actief. 

Het Veerse meer is een van de enige plaatsen waar de trompetkalkkokerworm, palingbrood en zuiderzeekrabbetje in Nederland gevonden kunnen worden. Ook al is gebied vooral bekend door zijn vele vogels heeft het ook een leuke flora. Er zijn wel zes soorten orchideeën die het gebied in het voorjaar kleur geven, ook is de parnassia en de schijnkraagroos te vinden. 

Na de afsluiting van het Veerse Meer veranderde het grote strand- en schorrengebied dat hier lag in een natuurterrein waar het nu in het voorjaar blauw en paars van de orchideeën ziet. Op de nattere plekken groeit duizendguldenkruid en parnassia en er broeden wielewalen, houtsnippen en ransuilen. Het eiland de Haringvreter is één van de laatste enclaves voor de zeldzame Noorse woelmuis. De bruine kiekendief, kleine karekiet en de rietgors broeden er.


In de winter is het uitkijkpunt op de punt van de Oosternieuwlandpolder aan het Veerse Meer favoriet bij vogelaars. Hier zijn dan geoorde futen, brilduikers, middelste zaagbekken en parelduikers te zien. 

Lees meer over vakantiehuizen in Veerse meer
Lees meer over:

Het Veerse meer is niet altijd een meer geweest, het was een zeearm die door twee dijken is afgesloten van zeewaterstromingen. In 1961 is de laatste dijk afgebouwd wat een zout water meer met een lengte van 22 km creëerde en een oppervlakte van 2577 hectare. Met een breedte die varieert van 150 tot 1500 meter en een totale kustlengte van wel 55 km is het in 2000 erkend als internationaal belangrijk wetland.

In het meer liggen zeventien eilandjes, twaalf ervan zijn toegankelijk voor publiek maar de laatste vijf zijn voor de vogels. Door de invloed van regen is het ontstane meer steeds zoeter geworden maar sinds 2004 is er door een sluis weer zout water toegelaten wat het zoutgehalte weer deed stegen maar ook zorgde dat het water schoner werd. Het is populair water recreatie gebied maar er is genoeg ruimte voor de natuur.

Flora en fauna

Het gebied is niks voor niks erkend als internationaal belangrijk wetland. Er zijn zeer zeldzame soorten waargenomen zoals de steppekiekendief en de dwergarend maar ook veel zeldzame soorten zoals de roodhalsgans, witbuikrotgans, kuifaalscholver en ijsduiker. Het uitkijkpunt Oosternieuwlandpolder is zeker in de winter een geschikte plek om de diversiteit aan vogels te bekijken. Ook kleinere vogels zoals zilverplevier, morinelplevier en roodmus zijn gezien.

Het eiland de Haringvreter is niet allen voor de jaarlijkse 40.000 vogels van belang maar ook voor de Noorse woelmuis aangezien het een van de laatste enclaves is. Op de eilanden in Zeeland heeft zich sinds de ijstijd een ondersoort ontwikkeld en is daarmee het enige endemische zoogdier van Nederland. Over het algemeen is het een nachtdier maar in de winter is hij ook wel overdag actief.

Het Veerse meer is een van de enige plaatsen waar de trompetkalkkokerworm, palingbrood en zuiderzeekrabbetje in Nederland gevonden kunnen worden. Ook al is gebied vooral bekend door zijn vele vogels heeft het ook een leuke flora. Er zijn wel zes soorten orchideeën die het gebied in het voorjaar kleur geven, ook is de parnassia en de schijnkraagroos te vinden.

Na de afsluiting van het Veerse Meer veranderde het grote strand- en schorrengebied dat hier lag in een natuurterrein waar het nu in het voorjaar blauw en paars van de orchideeën ziet. Op de nattere plekken groeit duizendguldenkruid en parnassia en er broeden wielewalen, houtsnippen en ransuilen. Het eiland de Haringvreter is één van de laatste enclaves voor de zeldzame Noorse woelmuis. De bruine kiekendief, kleine karekiet en de rietgors broeden er.

In de winter is het uitkijkpunt op de punt van de Oosternieuwlandpolder aan het Veerse Meer favoriet bij vogelaars. Hier zijn dan geoorde futen, brilduikers, middelste zaagbekken en parelduikers te zien.